Actie akoestiek


Klik hier voor uw brochure

Ook last van lawaai?

WIJ DOEN ER IETS AAN!

en franšais

 

Vloerisolatie

Vloerisolatie Bij vloeren is er niet alleen sprake van luchtgeluid, maar ook van contactgeluid. Afhankelijk van de vloeropbouw zijn er verschillende oplossingen.

Houten vloeren

Betonvloeren scoren door hun massa goed op het vlak van luchtgeluidsisolatie. Met een zwevende vloer halen ze ook een goede contactgeluidsisolatie. Houten vloeren daarentegen hebben last van zowel lucht- als contactgeluid. Om dat te voorkomen, moet altijd worden gewerkt in drie lagen.

Bovenop de draagstructuur wordt een zwevende vloer aangebracht. Vervolgens moet onder de constructie, totaal onafhankelijk van de vloer, een verlaagd plafond worden voorzien. Hiervoor wordt over de volle breedte van de kamer een metalen regelwerk opgebouwd dat geen verbinding maakt met de bovenliggende structuur. Dit regelwerk kan worden opgehangen aan metalen profielen die op de muren worden vastgeschroefd, maar je kan ook gebruik maken van speciale ophangbeugels die aan de bestaande draagbalken worden bevestigd. Zo vermijd je een akoestische brug met de bestaande vloer. De structuur wordt bekleed met twee lagen gipskartonplaat, waarna de ruimte tussen de bestaande vloer en het verlaagde plafond wordt opgevuld met glaswol of opencellig pu-schuim. Vergeet de randisolatie niet, en let erop dat de afwerkingslaag perfect luchtdicht is. Het plafond perforeren voor bijvoorbeeld inbouwpots heeft een nadelige invloed.

Betonvloeren bij nieuwbouw

Contactgeluiden worden gedempt door het massa-veer-massasysteem. Als de bovenste plaat (het loopvlak) wordt aangestoten, bijvoorbeeld door voetstappen of stoelen die verschoven worden, gaat ze aan het trillen. Als deze trillende plaat met de ondergelegen plaat verbonden is door een veer, dan zal de ondergelegen plaat zeer weinig trillen, en bijgevolg maar weinig lawaai afstralen naar de eronder gelegen ruimte.

Deze oplossing kan worden gerealiseerd door een zwevende vloer. Deze bestaat, van onder naar boven, uit de dragende vloerconstructie, een egalisatielaag (met de leidingen), een trillingdempende isolatie en een 6 Ó 8 cm dikke dekvloer. De akoestische eigenschap van trillingdempende isolatie wordt in het laboratorium getest en gekarakteriseerd door de contactgeluidisolatieverbetering ∆Lw (hoe hoger de waarde, hoe beter het resultaat). Er zijn heel veel dergelijke trillingdempende producten op de markt.

Voor het behalen van normaal akoestisch comfort moet ∆Lw hoger zijn dan 22 dB.

Betonvloeren bij renovatie

Een betonnen vloer beschermt door zijn gewicht meestal redelijk tegen luchtgeluid. Dit is een rechtstreeks gevolg van de massawet. De contactgeluidsisolatie kan echter soms problematisch zijn, zelfs wanneer zich in de ruimte al een zwevende vloerconstructie bevindt. Dat kan verschillende oorzaken hebben:

  • als trillingdempende laag werd een verkeerd en te stijf product gebruikt,
  • tussen de dekvloer en de dragende vloerconstructie zijn er contactbruggen, bijvoorbeeld doordat:
    • tussen plint en vloeroppervlak geen soepele, maar een harde voeg werd aangebracht,
    • het trillingdempende product werd geperforeerd (bijvoorbeeld door spijkers, elektrische leidingen, buizen...),
    • er werd gewerkt met dekens/matten die elkaar niet voldoende overlappen.
Om dit op te lossen kan best een nieuwe zwevende vloer worden aangebracht. Dit kan je door bovenop de bestaande vloer een nieuwe droge zwevende vloerconstructie aan te brengen. In de handel is deze verkrijgbaar onder de vorm van plaatmateriaal (b.v. vezelversterkt gipskartonmateriaal bovenop een trillingdempende laag). Een alternatief is de zwevende vloer afbreken en opnieuw opbouwen.

 

 
deceuninck isover recticel terca porotherm
met de steun van